Door: Bert Oldenburger - Foto's: Ronald Oldenburger- 17 februari 2019 10:05

WKE zonder Jan Oosting (wit) nooit meer hetzelfde

Zaterdagmiddag werd ik opgeschrikt door de mededeling dat (Witte) Jan Oosting plotseling was overleden. ’s Morgens had hij nog gewerkt en even nadat hij was thuisgekomen werd hij onwel en overleed ter plaatse. Jan was niet zo maar een WKE-er, als je op het voetbalveld kwam kon je niet om hem heen.

Ik kende Jan al zo’n kleine 60 jaar. We speelden beiden in de jeugd van v.v. Emmen. Een hernieuwde kennismaking met hem vond plaats toen ik in 1974 overkwam van FC Groningen naar WKE. Bij die hernieuwde kennismaking in mei met Jan was ik verbaasd over zijn lichaamsomvang, hij was net een tonnetje. In een gesprek met Jan, zei ik tegen hem dat ik hem zo niet in het 1e elftal wou hebben. En toen stond de ware Jan Oosting op. Hij had nog zo’n kleine 4 maanden voordat de competitie begon in september. En wat deed hij, zonder dat iemand het wist ging hij ieder dag hard lopen met om zijn middel plastic vuilniszakken om zoveel mogelijk te zweten. Toen we voor het nieuwe seizoen bij elkaar kwamen, kwam ik een geheel andere en topfitte Jan tegen. Vanaf dat moment was hij een vaste waarde voor het eerste elftal.

Meestal speelde hij linksback en hij was een lepe voetballer met een goede techniek. Maar hij kon eigenlijk op alle plaatsen voetballen. Zo was er een keer een wedstrijd tegen Raptim in Coevorden en onze spits was geblesseerd. Ik nam Jan apart en zei tegen hem, Jan jij staat vandaag in de spits. Dat doe ik niet zei hij. Ik zei tegen hem dat, omdat hij zo’n goede voetballer met een goede techniek was, hij dit als enige kon invullen. Deze woorden streelden hem en hij zei OK, maar volgende week weer linksback. Wij wonnen die wedstrijd met 3-2 en u raadt het al, wie scoorde er 2 keer. Witte Jan.

Jan was altijd dwars als er wat ging gebeuren waar hij niet op voorbereid was. In de winter van 1976-1977 vroor het zo hard dat je eigenlijk niet goed kon trainen. Dus ik zei tegen de jongens, a.s. donderdag gaan we schaatsen in Exloo. We zijn om 19.00 uur bij het hotelletje Schaopendrift aan de rand van het bos vlakbij de ijsbaan. Jan natuurlijk direct, ik ga niet schaatsen, we zijn een voetbalclub en ik heb net mijn schaatsen verkocht en ik kom niet. Ik zei, nou dan kom toch mooi niet. We kunnen wel zonder jou.

Die donderdagavond kwamen we bijeen bij de rand van het bos en inderdaad Witte Jan was er niet. Wij gingen naar de schaatsbaan en kijken zo op de baan en wie schaatst daar? Witte Jan, handen op de rug, sigaartje in de mond en deed net of hij ons niet zag. Dat was Jan.

Na allerlei functies bij WKE te hebben vervuld, deed hij de laatste jaren het wat kalmer aan. Bij een wedstrijd van WKE liep hij altijd rond het veld, een praatje hier, een praatje daar. Vanaf nu zullen we dat karakteristieke beeld van de wandelende Jan met zijn sigaartje op de lip niet meer zien.

Jan, we zullen je missen en het wordt bij WKE nooit meer zoals het was.

Bert Oldenburger